1. In het geval van met express trusts vergelijkbare juridische entiteiten uit hoofde van artikel 57 of, met uitzondering van discretionaire trusts, express trusts en soortgelijke juridische constructies uit hoofde van artikel 58, indien de begunstigden nog moeten worden vastgesteld, worden de groep begunstigden en de algemene kenmerken ervan geïdentificeerd. Begunstigden binnen de groep zijn uiteindelijk begunstigde(n) zodra zij zijn geïdentificeerd of aangewezen.
2. In de volgende gevallen worden alleen de groep begunstigden en de kenmerken ervan geïdentificeerd:
a) | pensioenregelingen die binnen het toepassingsgebied van Richtlijn (EU) 2016/2341 vallen; |
b) | financiële-eigendomsregelingen of participatieregelingen voor werknemers, mits de lidstaten na een passende risicobeoordeling een laag risico op misbruik voor witwassen of terrorismefinanciering hebben vastgesteld; |
c) | met express trusts vergelijkbare juridische entiteiten uit hoofde van artikel 57, express trusts en soortgelijke juridische constructies uit hoofde van artikel 58, op voorwaarde dat:
|
3. De lidstaten stellen de Commissie in kennis van de in lid 2 genoemde categorieën juridische entiteiten, express trusts of soortgelijke juridische constructies, samen met een motivering op basis van de specifieke risicobeoordeling. De Commissie deelt die kennisgeving mee aan de andere lidstaten.