Artikel 21 – Onvermogen om te voldoen aan de verplichting cliëntenonderzoeksmaatregelen toe te passen

1.   Wanneer een meldingsplichtige entiteit niet in staat is te voldoen aan de in artikel 20, lid 1, neergelegde verplichting om cliëntenonderzoeksmaatregelen toe te passen, onthoudt zij zich van het uitvoeren van een transactie of het aangaan van een zakelijke relatie, beëindigt zij de zakelijke relatie en overweegt zij bij de FIE een verdachte transactie in verband met de cliënt te melden overeenkomstig artikel 69.

De beëindiging van een zakelijke relatie op grond van de eerste alinea van dit lid verbiedt niet de ontvangst van aan de meldingsplichtige entiteit verschuldigde geldmiddelen zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 25), van Richtlijn (EU) 2015/2366.

Indien een meldingsplichtige entiteit de plicht heeft de activa van haar cliënt te beschermen, wordt de beëindiging van een zakelijke relatie niet opgevat als een verplichting tot vervreemding van de activa van de cliënt.

Bij levensverzekeringscontracten zien de meldingsplichtige entiteiten, indien nodig als alternatieve maatregel voor het beëindigen van de zakelijke relatie, ervan af transacties te verrichten voor de cliënt, met inbegrip van uitbetalingen aan begunstigden, totdat aan de in artikel 20, lid 1, vastgestelde cliëntenonderzoeksmaatregelen is voldaan.

2.   Lid 1 geldt niet voor notarissen, advocaten, andere onafhankelijke beoefenaren van een juridisch beroep, auditors, externe accountants en belastingadviseurs, in zoverre die personen de rechtspositie van hun cliënt bepalen of hun taak van verdediging of vertegenwoordiging van die cliënt verrichten in het kader van of in verband met een rechtsgeding, daaronder begrepen het verstrekken van advies over het instellen of vermijden van een dergelijk rechtsgeding.

De eerste alinea is niet van toepassing wanneer de daarin bedoelde meldingsplichtige entiteiten:

a)

betrokken zijn bij witwassen, daarmee verband houdende basisdelicten of terrorismefinanciering;

b)

juridisch advies verstrekken met het oog op witwassen, daarmee verband houdende basisdelicten of terrorismefinanciering, of

c)

weten dat de cliënt juridisch advies inwint met het oog op witwassen, daarmee verband houdende basisdelicten of terrorismefinanciering; medeweten of opzet kan worden afgeleid uit objectieve feitelijke omstandigheden.

3.   Meldingsplichtige entiteiten documenteren, onder meer aan de hand van de betrokken besluiten, bewijsstukken en motiveringen, de maatregelen die zijn genomen om te voldoen aan de eis dat cliëntenonderzoeksmaatregelen worden toegepast. Na elke evaluatie van het cliëntenonderzoek overeenkomstig artikel 26 volgt een actualisering van de documenten, gegevens of informatie die de meldingsplichtige entiteiten in hun bezit hebben.

De in de eerste alinea van dit lid bedoelde verplichting om registers bij te houden is ook van toepassing op situaties waarin de meldingsplichtige entiteiten weigeren een zakelijke relatie aan te gaan, een zakelijke relatie te beëindigen of alternatieve maatregelen toepassen overeenkomstig lid 1.

4.   Uiterlijk op 10 juli 2027 vaardigen de AMLA en de Europese Bankautoriteit gezamenlijke richtsnoeren uit voor de maatregelen die kredietinstellingen en financiële instellingen kunnen nemen om aan de AML/CFT-regels te voldoen bij de uitvoering van de vereisten van Richtlijn 2014/92/EU, ook in verband met de zakelijke relaties die het zwaarst worden getroffen door risicoverminderingspraktijken.

Scroll naar boven